Over Statistieken

Ik heb eens twee statistieken naast elkaar gelegd. De ene statistiek vertelt mij hoeveel zaken over de bouw er aanhangig gemaakt zijn voor de rechtbank in 2019. De andere statistiek geeft voor hetzelfde jaar aan hoeveel bouwvergunningen er zijn aangevraagd. Hieruit blijkt dat voor elke 40 vergunningen er 1 rechtszaak is aangespannen. En dat is veel. Te veel.

Ik dacht, ik doe eens iets gek. Ik ga eens wat statistieken opvragen. Om eens te kijken of het ongemakkelijke gevoel, dat ik heb, ergens terecht is. De rechtbanken hebben mij het meest uitgebreide antwoord bezorgd, waarvoor dank. Verder vond ik ook flink wat materiaal op de website van Statbel.

Wat blijkt nu? In 2019 werden er 1672 nieuwe bouwzaken aanhangig gemaakt bij de Burgerlijke Sectie van de Rechtbank van eerste aanleg. In datzelfde jaar zijn er 65.616 bouwvergunningen aangevraagd. Dat betekent dat er voor elke 40 bouwvergunningen, er 1 bouwproject voor de rechtbank beland is. Ik weet niet wat jullie hiervan denken, maar ik vind dat veel. Te veel. Dat betekent dat je niet ver moet zoeken in je omgeving, om iemand te vinden, van wie het bouwproject niet is verlopen zoals door alle partijen verwacht. Dat is geen goede reclame voor de betrouwbaarheid van de bouw in haar geheel.

Zelf heb ik dit beroep niet gekozen met de intentie om het ooit te moeten gaan uitleggen aan een rechter. Maar met zulke statistieken is er bijna geen ontsnappen aan. Men kan natuurlijk wat speculeren over de oorzaken van deze toestand. Het staat evenwel vast dat de huidige, gebruikelijke instrumenten niet volstaan om te komen tot bouwprojecten met een betrouwbaarheid van een aanvaardbaar niveau. De dreiging van een eventuele rechtszaak maakt geen indruk. Wellicht omdat de dreiging om een job te verliezen aan een concurrent realistischer aanvoelt.

Ik wil hier niet beginnen jeremiëren over individuele verantwoordelijkheden. Als een individu door het rood licht stapt, dan is die in fout. Als op een plaats het rode licht voortdurend genegeerd wordt, dan is dat stoplicht fout. Zo simpel is het. Als een groot deel van het publiek zich niet aan de regels houdt of kan houden, dan wil dat zeggen dat men zich niet bediend, gesteund of beschermd voelt door de regels. En dan haakt men af. Het gaat over een systeemfout dat professionals alsmaar grotere risico’s doet nemen.

Mijn uitgangspunt nu is dat deze situatie niet het gevolg is van een gebrek aan beroepskennis, vakmanschap of competentie van de verschillende bouwprofessionals. Van vakschool tot universiteit, ons onderwijs levert uitstekende mensen af. Mijn uitgangspunt is dat er een gebrek aan bereidheid is om middelen beschikbaar te stellen om dit potentieel naar behoren te benutten. “Meten is weten, gissen is missen”, is ons aangeleerd. Een grondige, zorgvuldige projectvoorbereiding is de sleutel tot succes. En dat kost geld. Maar met alsmaar krappere budgetten kan men vaak niet anders dan gissen, ten koste van het meten. We zien wel als het zover is.

Het zou eigenlijk de bedoeling moeten zijn dat we alle kennis die we opgedaan hebben in onze opleidingen, gebruiken om problemen te voorkomen. Het zou niet de bedoeling moeten zijn dat al deze kennis ons tegengeworpen wordt in de rechtbank. Je had het kunnen weten. Want dan is het eigenlijk te laat. Een schadegeval kost altijd geld. Die kosten zijn er, ze verdwijnen niet zomaar en ze zijn meestal vele malen hoger dan de kosten van een degelijke voorbereiding of een zorgvuldig ontwerp. Het enige wat een rechtbank kan doen, is het bestaan van de schade vaststellen en de kosten ervan verdelen over de verantwoordelijken. Maar ook deze procedure kost geld, samen met de advocatenkosten. De schadebegroting wordt er alleen maar groter door.

Op zich vallen er met het beschreven uitgangspunt heel wat bemoedigende dingen te vertellen. Elke euro die we investeren in schadevermijding, levert ons een veelheid aan euro’s op aan uitgespaarde gerechtskosten en schadevergoedingen.

Men zegt wel eens dat ondernemen gelijk staat aan risico’s nemen. Niet helemaal juist. Ondernemen staat gelijk aan risico’s erkennen en deze zo goed als mogelijk trachten te minimaliseren. Want risico’s zijn een bedreiging voor je winst. Natuurlijk moeten de kosten voor risicovermindering in verhouding blijven. Je hebt geen betonnen bunker nodig om je kippen te beschermen tegen een vos. Je kan hiervoor beroep doen op allerlei juridische (contracten) en financiële (verzekeringen) producten. En terecht, je kan deze niet geheel uitsluiten. Maar de meeste bouwers zijn geen juridische of financiële experten, waardoor het moeilijk blijft om de waarde van deze vorm van bescherming in te schatten.

Wat bouwers wel hebben is stielkennis. Kennis over het materiaal en hoe het te verwerken. Over het algemeen geldt, hoe meer materiaal, hoe sterker. Dus gebruik materiaal rijkelijk. Over het algemeen geldt, hoe meer samenhang, hoe veiliger. Dus zorg dan voor meer samenhang. Daar zit de echte bescherming, de echte veiligheid, de echte risicobeheersing. Maar enkel daar waar nodig. De ketting is zo sterk als de zwakste schakel. Dus zorg dat je de zwakste schakel kent, en versterk enkel die. Luister naar je aannemer. Luister naar je ingenieur. En laat je kop niet zot praten door lui die van jou een zuiniger materiaalgebruik eisen. Het zijn vaak mensen die wettelijk uit de wind staan en zelf geen enkele risico lopen.

Uiteindelijk sterkt mij dit bij het idee dat ‘De Deelingenieur’ een goed project is. Voor een schappelijke kostprijs bouwt u zekerheid op door de kans op het ontstaan van een schadegeval te verminderen. De normen beloven ons een faalkans van minder dan 1 op 10.000. Vergeleken met de eerder vernoemde statistieken betekent dit dat er nog een behoorlijke verbeteringsmarge is. Door vergelijkingsmateriaal te maken, krijgt de bouwprofessional een idee van wat men behoort te verwachten. En zo kunnen de risico’s behoorlijk kleiner gemaakt worden. En daar wordt iedereen beter van.

Naschrift: de nuancepolitie in mijn hoofd wil nog wat kwijt. Het is natuurlijk niet gezegd dat elke bouwzaak betrekking heeft op een werk waarvoor er een vergunningsplicht geldt. Evenmin is gezegd dat elke aanhangig gemaakte zaak terecht is, of noodzakelijkerwijs de aansprakelijkheid van één of meerdere betrokken bouwprofessionals in het gedrang brengt. Dit zou de vaststellingen milder kunnen maken voor de professionele bouwer. Daar staat tegenover dat heel wat bouwgeschillen in der minne worden geregeld, en helemaal niet voor de rechtbank komen. Dit zou weer kunnen leiden naar meer ongunstige vaststellingen.

Links

https://statbel.fgov.be/nl/themas/bouwen-wonen/bouwvergunningen#figures

Opmerking. Voor Statbel moeten de excel-bestanden bekeken worden. De website geeft de waarden tot een bepaalde maand, in overeenstemming met de laatst getelde maand van het huidige jaar. Voor jaargegevens dus verwijzen naar excel.
Bouwvergunningen: 27480 + 27944 + 6502 + 3690 = 65616.

Eén opmerking over 'Over Statistieken'

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: